Start consultatie van wetsvoorstel Excessief lenen bij eigen vennootschap

Start consultatie van wetsvoorstel Excessief lenen bij eigen vennootschap

Op Prinsjesdag 2018 werd de zogenoemde rekening-courantmaatregel aangekondigd. Wij hebben u hierover eerder geïnformeerd in het bericht Hoge schulden bij eigen bv worden belast in box 2. Op 4 maart jl. is de internetconsultatie gestart van het conceptwetsvoorstel Excessief lenen bij eigen vennootschap.

Het wetsvoorstel houdt in dat aanmerkelijkbelanghouders (in het algemeen houders van ten minste 5% van de aandelen in een vennootschap) die voor meer dan € 500.000 hebben geleend bij hun eigen vennootschap(pen) vanaf 1 januari 2022 voor het meerdere belast gaan worden in box 2. Dit meerdere wordt aangemerkt als een zogenoemd fictief regulier voordeel en bij de aanmerkelijkbelanghouder belast met inkomstenbelasting.

Fictief dividend in box 2

Wanneer de totale som van schulden die een ab-houder aan zijn vennootschap(pen) heeft, meer dan € 500.000 bedraagt, wordt het meerdere als inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2) in aanmerking genomen en belast met inkomstenbelasting (26,9% in 2022). Dit zogenoemde bovenmatige deel van de schulden wordt vanaf 2022 jaarlijks vastgesteld aan het einde van het kalenderjaar (peildatum 31 december) en wordt het ‘fictief reguliere voordeel’ genoemd.

De voorgestelde maatregel heeft alleen gevolgen voor de bepaling van het inkomen uit aanmerkelijk belang in box 2. De maatregel werkt niet door naar andere fiscale wet- en regelgeving, zoals box 1 en box 3 van de inkomstenbelasting, de dividendbelasting en de vennootschapsbelasting. Voor de vennootschap blijft de vordering dus ongewijzigd op de balans staan en een box 3-schuld blijft voor de aanmerkelijkbelanghouder de grondslag voor box 3 verlagen. De fictie heeft bovendien geen civielrechtelijke betekenis. Rente- en aflossingsverplichtingen blijven dus bestaan!

Welke schulden?

In beginsel zullen alle schulden aan de eigen vennootschap(pen) onder de nieuwe maatregel vallen, zowel gedekte als ongedekte posities. Slechts voor eigenwoningschulden wordt – onder voorwaarden – een uitzondering gemaakt. Eigenwoningschulden die reeds vóór 1 januari 2022 bij de eigen vennootschap zijn aangegaan, vallen niet onder de maatregel. Eigenwoningschulden die na 1 januari 2022 bij de eigen vennootschap worden aangegaan, vallen dan alleen niet onder de maatregel voor zover ten gunste van de vennootschap een recht van hypotheek wordt gevestigd. Let op, ook schulden die zodanig zijn vormgegeven dat niet van een letterlijke maar wel van een feitelijke samenhang met regulier aangegane leningen kan worden gesproken, worden door het wetsvoorstel geraakt. Zo zal bijvoorbeeld ook het doorlenen van gelden van de vennootschap door andere personen (dan de ab-houder) aan de aanmerkelijkbelanghouder door de maatregel worden geraakt.

Groep belastingplichtigen: aanmerkelijkbelanghouder, partner en verbonden personen

Het wetsvoorstel betreft niet alleen de aanmerkelijkbelanghouder zelf. Bedoeling is namelijk om de aanmerkelijkbelanghouder niet individueel maar met zijn partner gezamenlijk te belasten voor hun schulden boven de € 500.000 aan de eigen vennootschap(pen). Het bedrag van € 500.000 geldt dus voor de aanmerkelijkbelanghouder en zijn partner gezamenlijk. Het is niet relevant door wie van beiden de schuld is aangegaan en of de partner zelf aandelen houdt in de vennootschap.

Naast de schulden van de aanmerkelijkbelanghouder en/of zijn partner aan de eigen vennootschap, is de voorgestelde maatregel ook van toepassing op schulden die verbonden personen hebben aan de vennootschap van de aanmerkelijkbelanghouder. De verbonden personen zijn de bloed- en aanverwanten in de rechte lijn van de aanmerkelijkbelanghouder of van zijn partner. Het gaat dan bijvoorbeeld om (groot)ouders en (klein)kinderen. Het bovenmatige deel van de schulden van deze verbonden personen wordt toegerekend aan de aanmerkelijkbelanghouder en derhalve bij hem belast.

Bestaande afspraken

De Belastingdienst heeft in de praktijk vaak vaststellingsovereenkomsten (vso’s) gesloten met aanmerkelijkbelanghouders over het afbouwen van schulden aan de eigen vennootschap(pen). Als gevolg van het wetsvoorstel komen de vso’s die zien op schulden van in totaal minder dan € 500.000 in ieder geval niet te vervallen. Voor vso’s die zien op schulden van in totaal meer dan € 500.000 ligt dit aan de gemaakte afspraken. Mogelijk moet hierover te zijner tijd opnieuw in overleg worden getreden.

Inwerkingtreding

Voorgesteld wordt de wet in werking te laten treden per 1 januari 2022. Zoals gezegd, geldt als peildatum 31 december, zodat het fictief reguliere voordeel in het jaar van inwerkingtreding voor de eerste maal per 31 december 2022 als inkomen uit aanmerkelijk belang in de heffing wordt betrokken. Hierdoor hebben aanmerkelijkbelanghouders tot 31 december 2022 de mogelijkheid om hun schuldenpositie terug te brengen tot ten hoogste € 500.000. Het wetsvoorstel bevat helaas nog veel onduidelijkheden. In verband met de stijging van het ab-tarief van 25% (2019) naar 26,9% (>2021), is het wel raadzaam om tijdig de gevolgen van deze maatregel te laten beoordelen en waar nodig actie te ondernemen.

Meer informatie

Wilt u meer informatie over het wetsvoorstel Excessief lenen bij eigen vennootschap, neem dan gerust contact op met Patrick van den Heuvel, belastingadviseur bij onze afdeling Belastingadvies, per e-mail: pvdheuvel@joanknecht.nl.