Prinsjesdag: maatregelen overdrachtsbelasting

maatregelen btw belastingplan 2020

Op Prinsjesdag is het pakket Belastingplan 2021 van kabinet Rutte III gepresenteerd. Dit jaar bestaat het belastingpakket uit acht wetsvoorstellen. Benieuwd naar de gevolgen van het belastingpakket voor uw situatie? Wij hebben de belangrijkste maatregelen per thema voor u samengevat. Hierbij zetten wij de belangrijkste maatregelen overdrachtsbelasting voor u onder elkaar.

Onderdeel van het pakket Belastingplan 2021 is het wetsvoorstel Wet differentiatie overdrachtsbelasting. Met als doelstelling de positie van starters en doorstromers ten opzichte van andere kopers, zoals beleggers op de woningmarkt te versterken, stelt het kabinet de hierna opgenomen maatregelen voor. Het kabinet verwacht met deze maatregelen de toegankelijkheid en betaalbaarheid van een koopwoning voor starters te verbeteren.

Vrijstelling van overdrachtsbelasting voor starters

Voor starters op de woningmarkt wordt voorgesteld om met ingang van 1 januari 2021 een eenmalige vrijstelling van overdrachtsbelasting te introduceren. De vrijstelling geldt voor de verkrijger die:

  • meerderjarig en jonger dan 35 jaar is;
  • een woning (of een recht waaraan een woning is onderworpen) verkrijgt;
  • deze woning anders dan tijdelijk als hoofdverblijf gaat gebruiken; en
  • de vrijstelling niet eerder heeft gebruikt.

 

De beoordeling van deze criteria vindt plaats op het moment van de verkrijging van de woning. Over het algemeen is dit het moment waarop de notariële akte wordt opgemaakt bij de notaris.

Dat de verkrijger de woning anders dan tijdelijk als hoofdverblijf wil gaan gebruiken zal op het moment van de verkrijging door de verkrijger duidelijk, stellig en zonder voorbehoud tot uitdrukking moeten worden gebracht in een schriftelijke verklaring die onderdeel zal uitmaken van de aangifte.

Met het begrip ‘anders dan tijdelijk als hoofdverblijf’ wordt aangesloten bij het begrijp ‘anders dan tijdelijk als hoofdverblijf ter beschikking staan’ in de eigenwoningregeling. Het gaat hierbij om een duurzaam eigen gebruik van de woning die de verkrijger overeenkomstig de bestemming als woning ter beschikking staat. Het begrip ‘hoofdverblijf’ is synoniem aan het begrip ‘centrale levensplaats’. Waar een belastingplichtige zijn centrale levensplaats heeft wordt naar de omstandigheden beoordeeld analoog aan artikel 4 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Het gaat daarbij om het antwoord op de vraag waar zich het middelpunt van de persoonlijke en economische belangen van de verkrijger bevindt. De bewijslast ligt bij de verkrijger. Voor een natuurlijk persoon kan bovendien slechts één woning als hoofdverblijf gelden.

De leeftijdsgrens voor toepassing van de vrijstelling moet worden beoordeeld per verkrijger. Ingeval één woning wordt verkregen door meerdere verkrijgers gezamenlijk, wordt de toepasselijkheid van de vrijstelling bepaald voor iedere verkrijger afzonderlijk.

Op korte termijn zullen ook verkrijgers die aan alle voorwaarden voldoen maar al wel vóór 1 januari 2021 eerder een woning hebben gekocht, de vrijstelling kunnen toepassen voor de aankoop van een volgende woning. Dit effect loopt er per 2039 uit. Vanaf dat moment hebben alle verkrijgers die meerderjarig waren in 2020 de leeftijd van 35 jaar bereikt. De vrijstelling zal dan alleen nog worden gebruikt door verkrijgers die voor de eerste keer een woning verkrijgen.

2% overdrachtsbelasting voor woning als hoofdverblijf

Andere natuurlijke personen, niet zijnde starters, die een woning verkrijgen hebben recht op het verlaagde overdrachtsbelastingtarief van 2%, mits zij de woning verkrijgen om deze anders dan tijdelijk als hoofdverblijf te gaan gebruiken. Op deze manier kunnen ook doorstromers op de woningmarkt gebruik blijven maken van het verlaagde tarief.

Voor toepassing van het verlaagde tarief dient de verkrijger onmiddellijk voorafgaand aan de verkrijger duidelijk, stellig en zonder voorbehoud schriftelijk te verklaren dat hij de woning anders dan tijdelijk als hoofdverblijf gaat gebruiken. Bij natuurlijke personen die na de overdracht de woning minimaal een halfjaar daadwerkelijk als hoofdverblijf hebben gebruikt, zal het verlaagde tarief (of de startersvrijstelling, zie hiervoor) in beginsel van toepassing zijn.

8% overdrachtsbelasting voor alle overige verkrijgingen

Alle overige verkrijgingen worden vanaf 1 januari 2021 belast tegen het hogere algemene tarief. Dit tarief wordt met ingang van 1 januari 2021 verder verhoogd van 6% naar 8%.

Naast de verkrijging van niet-woningen, zoals bedrijfspanden, worden voortaan ook verkrijgingen van woningen die niet, of slechts tijdelijk, als hoofdverblijf gebruikt gaan worden, belast met 8% overdrachtsbelasting. Hieronder valt dus bijvoorbeeld ook de verkrijging van een vakantiewoning en een woning die ouders kopen voor hun kind.

De volgende beslisboom, ontleend aan het wetsvoorstel, laat de gevolgen van de voorgestelde tariefdifferentiatie schematisch zien.

 

Belastingplan 2021

Lees hier alle maatregelen uit het belastingplan 2020 die door kabinet Rutte III op Prinsjesdag 2020 zijn gepresenteerd.

Vragen?

Neem gerust contact op met Kim Dekkers, belastingadviseur, via e-mail of per telefoon op +31 (0)40 240 9429 of met een van onze specialisten die rechtsboven op deze pagina staan vermeld.