Let ook in 2019 op de gebruikelijk loon regeling!

De gebruikelijk loon regeling geldt voor de directeur-grootaandeelhouder (dga) die in dienst is bij zijn eigen BV en werkzaamheden voor deze BV verricht. Voor deze werkzaamheden dient de dga een zogenaamd gebruikelijk loon te ontvangen.

Ontvangt hij dat niet? Dan kan De Belastingdienst het ontvangen salaris op een hoger bedrag stellen. Hierover heft ze alsnog loonheffing. Vaak wordt daarbij een boete opgelegd. De achtergrond van deze regeling is dat De Belastingdienst het niet wenselijk vindt dat de dga een laag salaris ontvangt en daarnaast een hoge dividenduitkering belast tegen een lager tarief.

Criteria gebruikelijk loon

Kort gezegd betekent de gebruikelijk loon regeling dat het salaris van de dga in 2019 tenminste gelijk moet zijn aan het hoogste bedrag van onderstaande bedragen:

  1. 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking;
  2. Het loon van de meest verdienende werknemer in de BV of in een verbonden vennootschap;
  3. Minimaal € 45.000.

Uitzonderingen

Er zijn een aantal uitzonderingen op de hierboven genoemde hoofdregel:

  • Bij verrichting van zeer beperkte werkzaamheden (bijv. alleen beheerswerkzaamheden) kan het jaarsalaris op € 5.000 worden gesteld.
  • Voor dga’s van start-ups, die speur- en ontwikkelingswerkzaamheden verrichten en over een WBSO-verklaring beschikken, bedraagt het gebruikelijk loon voor de eerste drie jaar het wettelijk minimumloon.
  • Ingeval van een andere startende onderneming is het mogelijk een lager gebruikelijk loon met De Belastingdienst af te stemmen. Het gaat om ondernemingen die nog geen tot weinig omzet hebben en een zeer beperkte vermogenspositie.
  • Bij een al langer bestaande BV die in financiële moeilijkheden verkeert c.q. dreigt te komen en waarvan de continuïteit in gevaar is, is het vaak ook mogelijk om een lager gebruikelijk loon met De Belastingdienst af te stemmen.

Vooraf afstemmen

Een lager dan wettelijk gebruikelijk loon dient bij voorkeur vooraf afgestemd te worden met De Belastingdienst. Gebeurt dat niet, dan is de bewijsrechtelijke positie van de dga in de discussie met De Belastingdienst over de juiste hoogte van het gebruikelijk loon lastiger. Ook bij vooraf afstemmen met De Belastingdienst is grondige motivatie van de gewenste verlaging van het gebruikelijk loon noodzakelijk. Het is namelijk aan de dga om aannemelijk te maken dat een lager gebruikelijk loon van toepassing is. Daarnaast dient een verzoek tot vooroverleg ook aan diverse formele vereisten te voldoen.

Conclusie

De gebruikelijk loon regels luisteren zeer nauw en De Belastingdienst handhaaft deze strikt. Het is daarom voor dga’s van belang om jaarlijks te bekijken of het salaris voldoet aan de wettelijke gebruikelijk loon regels, dan wel of er vooroverleg met De Belastingdienst gewenst is.

Meer weten?

Wilt u meer weten over de praktische toepassing van de gebruikelijk loon regeling of over de mogelijkheden om uw gebruikelijk loon te verlagen, neem dan gerust contact op met uw contactpersoon bij Joanknecht of met Fabiënne Hol-van Goethem via +31 (0)40 240 9464 of per e-mail.